Windhonden zijn geen zielige scharminkels



Op sportpark de Herungerberg vond afgelopen weekeinde het NK Windhondenrennen plaats.

De mensen van de Limburgse Windhonden Renvereniging worden er soms moe van. Áls de sport in de publiciteit komt gaat het altijd over de toestanden in Spanje. Dit verhaal gaat niet op voor Nederland.’ Weet voorzitten Sjef Lubin. ‘Hier wordt niet gegokt, hier kost het geld.’

Dus geen bookmakers op het Venlose Sportpark de Herungerberg, sinds jaar en dag de thuisbasis van de Limburgse Windhondenrenvereniging. Wel veel campers. Uit het hele land zijn de sporthelden met hun baasjes neergestreken in Venlo voor het Nederlands kampioenschap.
Als de speaker de halve finale omroept, klinkt er vanuit het camerpark een harde vloek. Een keiharde shit , die recht uit het hart komt. ‘Er lopen drie broertjes tegen elkaar in één race, dus zullen ze nooit alle drie in de finale komen,’ legt de uit Horst afkomstige Karin Jenniskens-Van Gerven haar verwensing uit. Ze is de fokster van dit opmerkelijke windhondengezin. Zelf is ze het baasje van de broertjes Hayek en Hyraco die het opnemen tegen broertje Hotstuf van Venlonaar Vince Kallen die naast haar zit. ‘Het zusje uit het nest Hestia rent normaal gesproken ook wedstrijden, maar die voelde zich niet zo lekker vanmorgen en die bleef dus thuis,’ zegt Jenniskens. ‘De laatste uit het nest is Hotshor. Die rent morgen in de A-klasse,’ zegt eigenaar Kallen. Moeder Xena bleef eveneens thuis en van vader Speed on Bullit weten ze dat die met zijn baasje vakantie viert ergens in Zuid-Frankrijk.

Dit weekende komen zo’n 130 windhonden in actie in Venlo, maar nog altijd wordt de sport niet begrepen. ‘Je hoort altijd hetzelfde van mensen. Ze vinden het zielige scharminkels,’ zegt Kallen. ‘Daar kan ik alleen maar om lachen. Dat kleine hondje van mij eet meer dan een grote herder. Veel rood vlees, kipfilet, zalm en vanmorgen een harinkje. Mijn hond heeft het beter dat ik zelf. Honden die niet buiten komen en te dik zijn. Dat is pas zielig.’ Een renhond trainen doe je langs de fiets, in het open veld of in het bos. ‘Ik heb bij mijn huis een grote wei waar de honden lekker kunnen rennen’, zegt Jenniskens. ‘En ik heb kuiten waar Popeye jaloers op is’, lacht Kallen. ‘Ik loop of fiets met mijn hond iedere dag 12 kilometer.’

Een gezonde sport dus voor baas en hond? Niets is minder waar. ‘Van de krant? Schrijf maar op: hondenrennen is slecht voor je hart. Teveel spanning en opwinding voor de baas’, zegt een vrouw die langsloopt.
De inspanning die menig baasje levert, is ook best vergelijkbaar met die van de hond. Het bees is echter getraind en legt met een gemiddelde van zo’n 65 kilometer per uur het 350 meter lange parcours af. Het vaak ongetreinde baasje rent in de renbaan mee op springt uit strand tien meter in de lucht om de aanmoediging voor de hond kracht bij te zetten. ‘Het samenspel tussen baas en hond is prachtig”, zegt Lubin. Want ondanks het soms slechte imago, zijn ook de baasjes van wedstrijdhonden dierenliefhebbers. ‘In Nederland hebben we zelfs een organisatie die Spaanse renhonden opvangt en dat is best dom. In feite sponsor je daarmee het spaanse hondenrennen.’ Jenniskens: ‘Mijn honden zijn mijn kinderen.’ ’Daar neem je geen risico mee. Dat mijn hond veilig de finish haalt is het belangrijkste.’

In de race tussen de broertjes gaat het echter mis voor de honden van Jenniskens. De broertjes worden na een val van de groep afgesneden. Of ze het bewust meemaken is de vraag, maar de overwinning blijft wel binnen de familie voor de winst van Hotstuf.

Na afloop staat Jenniskens met haar twee honden aan de lijn. ‘Het lijkt erop dat ze niets aan de val overhouden’, zegt ze opgelucht. De wedstrijd zit er voor haar honden op. De renjasjes zijn uit, de riempjes om. De trainster van wedstrijdhonden is nu een baasje dat met haar honden gaat wandelen.

Bron: Dagblad de Limburger

<-- Terug naar het overzicht